Koken in de wildernis: welk type brander kies je?

Spread the love

Een warme maaltijd is vaak goed voor het moraal, maakt je warmer en geeft de broodnodige energie. Uiteraard kun je gebruik maken van de doorgaans uitstekende voorzieningen in berghutten. Maar wellicht prefereer je de vrijheid van bivakkeren boven een berghut. Of misschien zijn er geen berghutten in de buurt op het moment dat je het nodig hebt.

Koken tijdens een meerdaagse trektocht is echter een specifieke uitdaging. Het is vaker winderig dan je denkt en juist wanneer je de warmte het hardste nodig hebt zijn sommige kookmethodes niet het handigst. Het vereist dus wat planning: waar ga je op koken en wat ga je eten? Deze blogpost gaat in op het beste type brander voor jouw tocht.

Waar ga je op koken: het type brander

Er zijn een aantal mogelijkheden: romantisch op een kampvuur koken, een gasbrander, een benzine-brander en een droge-brandstofbrander.

Koken op een kampvuur is af te raden. Ten eerste vanwege het potentiële brandgevaar voor de omgeving. Maar ook vanwege de rommel die het achterlaat (brandplekken op de grond), de grote rookontwikkeling en de omslachtigheid van het neerzetten van je pannetje. Bij een te heet vuur verbrand alles, maar bij een vuur wat niet heet genoeg is wordt de onderkant zwart geblakerd door de roetaanslag.

Gasbrander

Een gasbrander is een goed alternatief: de branders zijn relatief goedkoop en in Europa zijn de blikjes goed te verkijgen. Dit type blikjes is doorgaans van het type “wegwerp-blikjes” en leveren dus veel afval op. Bovendien zijn gasbranders gevoeliger voor wind en voor zowel temperatuur als ijle lucht.

Het gas is gecomprimeerd in het tankje. Dankzij deze overdruk vloeit het gas naar buiten en bij ontsteking levert dit een vlam op. Echter, op grotere hoogte is deze luchtdruk lager: hierdoor is er minder druk en zal het blikje eerder “leeg” lijken te zijn. Hetzelfde effect treedt op bij lage temperaturen. Hogere temperaturen zorgen voor een hogere druk in het blikje, waardoor er meer drukopbouw in het blikje plaatsvindt. Bij lagere temperaturen is er minder druk door de uitzetting van het gas. Deze twee factoren komen regelmatig samen voor en kunnen er voor zorgen dat je blikjes leeg lijken, terwijl tijdens de afdaling een onprettige gaslucht verzamelt: het blikje was toch niet leeg.

Een gasbrander is dan ook vooral aan te raden bij gematigde temperaturen, in het laagland. Ideaal voor een fietsvakantie of een trektocht door de zomerse bossen in Scandinavië waar de hoogte minder een rol speelt.

Benzinebrander

Benzinebranders zijn duurder in aanschaf, vereisen net iets meer onderhoud en zijn lastiger te bedienen. Ze hebben een drukventiel, waardoor je de brandstof op druk kunt zetten: hierdoor vloeit deze naar buiten. Met teveel druk komt er veel benzine naar buiten, waardoor een aardige vlamontwikkeling kan optreden. Het vereist wat oefening om dit goed en veilig te gebruiken.

Maar de voordelen zijn groot: ze branden bij lage temperaturen en op grote hoogte net zo goed als op lagere hoogtes en hogere temperaturen. Ze zijn minder windgevoelig en hebben een groot vermogen: het koken gaat dus sneller. Bovendien is benzine over de gehele wereld te verkrijgen, waardoor je niet snel zonder zit. Een additioneel voordeel: je rugzak wordt steeds iets lichter doordat je elke dag iets meer benzine verbrandt. Dit tegenover het nadeel dat ze ook iets zwaarder zijn dan gasbranders.

De meeste benzinebranders werken ook op wasbenzine, coleman-benzine en spiritus.

Droge brandstof branders

De naam zegt het al: droge brandstof branders werken met een vaste stof als brandstof. Ze zijn licht en goedkoop. Maar nadelen zijn er ook: het eten kan naar de brandstof gaan smaken en de vlam is moeilijk te controleren of te doven. Er zijn ook innovatiever modellen: de hitte drijft een ventilatortje aan, die op zijn beurt elektriciteit genereert. Hiermee kun je via een USB-kabel apparaten opladen.

Laat een reactie achter